+

Het door Stanislas Jasinski, een ex-stagiair van Victor Horta ontworpen bezinningscentrum in de Financietoren was opgezet rond de structurele elementen van het torengebouw. De cirkel vanwaaruit Jasinski’s houten spanten ontspringen verborg een kolom van de toren. Nu een nieuwe structuur voor deze ruimte ontworpen dient te worden – geen toren maar een parkpaviljoen deze keer – ligt het voor de hand deze eigenschap te hernemen. De straalsgewijze balken rusten aan het andere eind op een ringbalk die de gevel volgt. Het grootste deel van deze ringbalk ligt op gevelkolommen in gepolijst wit architectonisch beton, een ander deel echter rust op een dragende muur die de wederopgebouwde, organisch gebogen wand van de Jasinski-zaal volgt.

De gevelkolommen dragen een zitbank, zwevend boven het bordes. Lager, op het gazon, fungeert ook de trap aan het bordes als zitbank vanwaar men, met de rug naar het paviljoen, de met hagen omsloten parkkamer overziet. Aansluitend op de om het paviljoen windende tuinpaden zijn in dit bordes een trap en een hellingsbaan ingewerkt, waarlangs men de twee ingangen naar het gebogen foyer bereikt. Deze foyer bemiddelt tussen de gesloten, met houtfineer beklede Jasinski-zaal en het open, uit gepolijste witte betonnen delen gebouwde bordes.

Het ronde paviljoen staat excentrisch in de onregelmatig gevormde, door de haag afgesloten parkkamer. De haag biedt twee ingangen: één aan de kant van het kerkhof, één dicht bij het weer in gebruik te nemen hek, tussen de populieren, die in de met kruinen omzoomde parkkamer een soort zuilentoegang vormen. Van daar af ligt het paviljoen aan het eind van een grote, van het park afgescheiden tuin, wachtend op zijn gasten.

opdrachtgever: stad Brussel
projectarchitect: Joost Raes
2006